Van mijn tandarts hoorde ik gisteren dat de acteur Lex van Delden vorige week is overleden. Daar schrok ik een beetje van. Het was me ontgaan. Mogelijk door alle commotie rond de dood van Antonie van Kamerling. Lex van Delden hoort bij mijn jeugd, de jaren zeventig. Een vertrouwd figuur op de tv, hij speelde vaak in dramaseries. Hij kwam op me over als een parmhartig baasje met een smalend lachje. Mijn tandarts en zijn vrouw (tevens zijn assistent) noemden de serie De kleine zielen naar De boeken der kleine zielen van Louis Couperus. Van Delden speelde daarin Addie, wisten ze te vertellen. Ze deden zijn gedragen toneelstem na: " Moeder zullen we gaan wandelen?", zoiets. De moeder zal wel Ank van der Moer zijn geweest. Ze moesten er erg om lachen. De Kleine zielen staat me niet zo goed bij, te lang geleden, de tandarts en zijn vrouw zijn iets ouder dan ik. Ik herinner me Lex van Delden wel heel goed als Philips II; een scene waarin hij een aapje martelde, tenminste dat werd gesuggereerd. Ik moest even googlen om te weten in welke serie dat was: Tijl Uilenspiegel. Wim van der Grijn, destijds de jeune premier van het Nederlandse toneel, speelde Tijl.
We hadden het over meer series uit die tijd: De Glazen stad, De Kleine waarheid, De stille kracht…
Mijn ouders keken graag naar die series. Mijn broer Wim en ik vonden het leuk om te plagen: Willeke Alberti na doen wanneer ze als Marleen Spaargaren in De Kleine Waarheid weer eens liedjes in haar hoofd kreeg, of mee hummen met de tune van De Glazen Stad "dabadabadabadaboua dabadabadaboua", lachen om de grote oren van Johan te Slaa…
Mijn tandarts en ik hadden het nog even over de opwinding die Pleuni Touw in De stille Kracht veroorzaakte jongens als wij.

Geef een reactie