Een oefening om de schriftligging te bepalen: Leg je ellenbogen in een driehoek op tafel, met de vingers tegen elkaar op zo’n manier dat je duimen en wijsvinger een omgekeerd hartje vormen. Je ellenbogen liggen op de rand van de tafel of er net iets buiten. Ik plak een sticker op je tafel op de plaats waar de ellenboog van je schrijfhand is. Vouw het blaadje dat je krijgt in de lengte door midden en leg je onderarm van je schrijfhand op de vouw. Trek nu met je potlood als een ruitenwisser lijnen op je blaadje, de ellenboog van je schrijfhand blijft op dezelfde plaats, dus op de sticker. Gebruik je niet-schrijfhand om het blaadje omhoog te schuiven.
Rechtshandig.
Linkshandig.
Deze linkshandige heeft een knak in haar pols en haar pengreep is ook opmerkelijk.
Dit verschijnt er op papier; de regels van je schrift vormen zo eigenlijk een deel van een cirkel die je onderarm beschrijft met je ellenboog als draaipunt.
Hierboven staan wat voorbeelden van schrijfoefeningen die de kinderen de afgelopen week hebben gedaan. Met de grassprietjes hierboven oefenen ze de inscriptie: de fijne bewegingen van je duim en wijsvinger bij het vormen van de letters.
Geef een reactie